Terug naar het ambacht bij start-up Médor

Sommige start-ups gaan voor de online toekomst, anderen duiken terug in het papieren verleden. Het nieuwe tijdschrift Médor kiest met haar lezerscoöperatie voor het laatste. Deze succesvolle Belgische start-up doet denken aan een moderne journalistieke gilde.

Deze maand volgde ik een zeer inspirerend vak bij Pursey Heugens, hoogleraar organisatietheorie bij de Rotterdam School of Management (EUR). Hij vertelde tijdens deze theorieles over het onderzoek van een van zijn promovendi naar Nederlandse bierbrouwerijen.

Waarom zou ik hier bij het Journalismlab opeens beginnen over bier? Omdat de Waalse startup Médor die ik bezocht in Brussel, me deed denken aan dit onderzoek naar de renaissance van kleine gespecialiseerde brouwerijen in een markt die wordt gedomineerd door mega-speler zoals Heineken.

 

Nieuwsbrouwerij

In de mediasector lijkt ook sprake te zijn van zo’n soort opmars van kleine ambachtelijke journalistieke bedrijven. Het Stimuleringsfonds voor de Journalistiek beschreef deze trend al in het media-toekomstscenario van ‘The Shire’.

The Shire verwijst naar de zelfvoorzienende middeleeuwse dorpjes van de Hobbits uit de film The Lord of The Rings die zijn afgesloten van de rest van de wereld. Lezers starten in dit toekomstscenario liever hun eigen community-websites dan dat ze van een grote for-profit of non-profit mediaorganisaties afhankelijk willen zijn. Médor lijkt naadloos te passen in dit scenario van The Shire.

 

Hobbit-sites

Op de website ‘Nieuwe Journalistiek’ houd ik sinds deze week een dossier bij waarin ik naast Médor ook een paar oudere journalistieke coöperaties in Italië, Zwitserland en Engeland beschrijf. Deze coöperaties zijn eigendom van journalisten en lezers. Ze richten zich op papieren journalistieke producties van hoge kwaliteit en online investeren ze minimaal. In plaats van online gaat Médor, bijvoorbeeld, liever ‘live’ het gesprek aan met lezers op aandeelhoudersvergaderingen en andere bijeenkomsten.

Ik beschrijf ook een Spaanse start-up website die geen echte coöperatie is, maar die met ‘equity crowdfunding’ haar lezers eigenaar maakte. Dat ook journalistieke start-ups die online wel heel innovatief zijn, iets weg hebben van ambachtelijke gildes, viel mij op toen ik deze ‘must-listen’ podcast luisterde, waar collega Laurens Vreekamp me op attendeerde bij mijn vorige blog.

 

Facebook contentfabriek

In de podcast legt Ernst-Jan Pfauth (oprichter De Correspondent) aan Alexander Klöpping (oprichter Blendle) uit waarom zijn start-up ervoor kiest om niet in zee te gaan met grote distributeurs van content zoals Blendle en Facebook Instant Articles. Dat is 1) omdat de Correspondent haar artikelen ziet als series die niet verkocht kunnen worden als losse artikelen en 2) omdat de relatie met leden voor de Correspondent van levensbelang is.

Lezers worden lid van De Correspondent om bij een soort ‘Shire’ te horen en om met gelijkgestemden te kunnen meepraten in online discussies. Online in gesprek gaan met de schrijver van een artikel kan niet bij platforms zoals Blendle en Facebook instant articles. Facebook heeft (in tegenstelling tot Blendle) bovendien een model dat is gebaseerd op advertentie-inkomsten en omdat de De Correspondent advertentievrij is past dat evenmin, aldus Pfauth.

 

Underground niche

De Correspondent neemt dus heel bewust het risico van isolement en zelfvoorziening. Het probeert traffic te genereren naar de eigen website via nieuwsbrieven en social media posts van de eigen leden. Meer een soort mond-tot-mond-reclame of tamtam dus – die bijna doet denken aan de media van de 16e eeuw die oud-journalist en historicus Femke Deen beschreef in haar proefschrift.

Net als kleine bierbrouwerijen vinden journalisten niches die de gevestigde media met hun ‘mainstream’ content niet meer goed op maat kunnen bedienen. Pfauth: “Hopelijk komen wij er beter uit als alle anderen een contentfabriek van Facebook zijn geworden.”

 

4 opmerkingen

  • Hey would you mind letting me know which webhost you’re using?
    I’ve loaded your blog in 3 completely different web browsers and I must
    say this blog loads a lot faster then most.
    Can you recommend a good web hosting provider at a fair
    price? Kudos, I appreciate it!

  • Is een dergelijke stroming niet al tijden gaande? De eerste tekenen van ‘Slow Journalism’ met (in mijn ogen) de grondlegger hiervan, Delayed Gratification, stammen al uit 2011. Een logisch gevolg van een ontwikkeling naar massale en snelle informatie. Zie het als de hang naar kwalitatief en ambachtelijk eten in een periode waarin machinaal voedsel de norm is geworden.
    Volgens mij is die ontwikkeling onafhankelijk van het kanaal, print of online. Waar snel en massa de norm is zal er altijd een tegenbeweging naar kwaliteit zijn, in elke sector.

    • Mathilde Sanders

      Ja dat klopt inderdaad – maar nieuw is dat ze nu een stap verder gaan: weer helemaal print only en ook nog eens een extreem democratische organisatie waar klanten niet meer externe maar interne stakeholders zijn.