Redactie ‘selfies’ als onderzoeksmateriaal

Foto’s maken, plaatsen, delen en liken. We communiceren nu meer dan ooit met behulp van foto’s. We sturen tegenwoordig niemand meer een smsje dat we in de dierentuin zijn; een foto van een kind met een ijsje en een giraf op de achtergrond via Whatsapp zegt veel meer dan een korte sms. Het gebruik van beeldtaal en fotomateriaal kan mogelijk ook input vormen voor onderzoek naar de journalistieke praktijk.

Visuele etnografie

Onlangs verscheen er een interessante publicatie in het wetenschappelijke tijdschrift Journalism Practice, waarin een relatief nieuwe onderzoeksmethode voor journalistiek onderzoek werd toegepast: visuele etnografie. Onderzoekers wilden meer inzicht in hoe journalisten dagelijks te werk gaan. Gezien de –wellicht terechte – survey moeheid van journalistiek Nederland en de tijd die observatie onderzoek in beslag neemt, is deze onderzoeksmethode wellicht een alternatief. Hoewel deze methode al langer wordt toegepast bij sociaal wetenschappelijk onderzoek (veelal antropologie), ben ik het nog niet eerder tegengekomen rondom journalistiek onderzoek.

Er zijn drie vormen van visuele etnografie te onderscheiden:

  • de onderzoeker komt op de redactie en maakt foto’s van situaties die voor de onderzoeksvraag interessant zijn;
  • de journalist krijgt instructie van onderzoekers om foto’s te maken van zijn eigen werkzaamheden, een soort ‘redactie selfies’. Hij bepaalt zelf wat hij wel of niet fotografeert;
  • een combinatie van de twee methodes, waarbij de foto’s van de onderzoekers en de journalisten input vormen voor interviews met de journalisten.

Ik heb mijn twijfels over de betrouwbaarheid van de eerste twee vormen. Bij de eerste vorm blijft de vraag of de onderzoeker de mogelijkheid zal krijgen om foto’s te maken als de journalisten verder niet betrokken worden bij het onderzoek of geen vragen worden gesteld. Bij de tweede vorm loert het gevaar dat journalisten een positieve werkelijkheid kunnen fotograferen. De derde vorm biedt interessante perspectieven. Het gebruik van foto’s tijdens het interview kan aspecten van de werkelijkheid naar boven halen, die anders niet besproken waren. Een interview wordt normaliter geleid door de onderzoeker. Door foto’s van de journalist tijdens het interview te bespreken, kan de journalist het gevoel krijgen enigszins in controle te zijn van het gesprek. Het wordt zo ook eerder een informeel gesprek en dat maakt de kans groter dat er zaken wordt besproken die anders niet naar voren waren gekomen.

Met de titel The Undressed Newsroom, willen de onderzoekers laten zien dat je met visuele etnografie de journalistieke praktijk kunt onderzoeken. Een interessant alternatief in de huidige fotomania cultuur.

Voor meer informatie over visuele etnografie lees ook het boek van Marcus Banks Using visual data in qualitative research.