Poppolitiek

Weinigen zullen het vergeten zijn. Hoe Diederik Samsom twee jaar geleden zijn gezin inzette bij de verkiezingscampagne en voortdurend allerlei schijnbaar niet ter zake doende privézaken naar buiten bracht. Dat hij van het liedje Laura van Jan Smit houdt en politiek bewust werd toen hij Kinderen van moeder aarde van Thea Beckman las. Iedereen zal zich ook nog wel herinneren hoe hij een jaar daarna, toen het verhaal van Samson’s scheiding naar buiten kwam, overvallen werd door een gevoel van onbehagen. Er klopte iets niet, het was moeilijk te zeggen wat, en als je het kon zeggen was het fatsoenlijker de mond te houden maar toch. Je, althans ik, hield er een vervelend onderbuikgevoel aan over.

Hoewel her en der gesuggereerd werd dat Samsom met zijn persoonlijke politiek een trend zette, is dat te veel ‘eer’. Zo schreef Liesbeth van Zoonen tien jaar geleden een stuk naar aanleiding van alle gedoe rond het privéleven van de Amsterdamse arts-politicus Rob Oudkerk. Al in de eerste zin van dat stuk beweerde ze dat de personalisering van de Nederlandse politiek een feit was. Daar viel op dat moment veel voor te zeggen. Het tijdperk Fortuyn lag op dat moment pas twee jaar achter de rug. Daarin had iedereen ‘geleerd’ dat privé en publiek in de politiek ongescheiden waren. Wie om zich heen keek wist dat natuurlijk al langer. Politiek en privé hebben in politics altijd wel enigszins door elkaar gelopen, bij vlagen (lees: schandalen) waren ze onlosmakelijk verbonden geweest en her en der was die versmelting structureel. Dit laatste gold vermoedelijk het sterkste voor Italië. De komst van Berlusconi in 1994 betekende dat politiek definitief theater werd: persoonlijk theater.

berlusconi243ac15f9-a8e1-4288-a43e-34ff3934a1b7

Hoewel er veel geschreven en anderszins journalistiek en wetenschappelijk verslag gedaan is van de persoonlijke politiek van Silvio Berlusconi ontbreekt het aan empirisch onderzoek zoals het op andere gebieden van de zachte journalistiek aan onderzoek ontbreekt. Gelukkig hebben een flink aantal artikelen van twee Italiaanse onderzoekers, Antonio Ciaglia en Marco Mazzoni, hierin recentelijk verandering gebracht. Die artikelen, gepubliceerd in diverse wetenschappelijke tijdschriften, zijn variaties op één en hetzelfde thema: poppolitiek. Dat thema kent verschillende aspecten:

  1. de personalisering van de politiek
  2. de verhoging van het entertainmentgehalte van de politiek
  3. de versmelting van zachte en harde journalistiek

Om hier alleen iets over dit laatste te zeggen. Hoewel er langzamerhand meer bekend is over de wijze waarop human interest- en lifestylejournalistiek in de kwaliteitsmedia zijn doorgedrongen, is er veel minder bekend over de tegenovergestelde beweging, de aandacht voor politiek en maatschappelijke thema’s in de glossy’s, roddelbladen en hun audiovisuele varianten. De reden hiervan ligt voor de hand: serieuze onderzoekers houden zich niet bezig met de ‘journalistieke rommel’ die door dergelijke media geproduceerd wordt. Waarom zouden ze? Er valt niets interessants over te zeggen. Ja dat het rommel is.

Een vergissing zoals Ciaglia en Mazzoni laten zien. Zo onderzochten zij in een van hun artikelen de aanwezigheid van Mario Monti, premier van Italië van eind 2011 tot eind 2012, in de Italiaanse roddelpers, in het bijzonder in de vier grote bladen: Chi, Gente, Novella 2000 en Oggi, elk met oplagen waarvan Nederlanders de ogen uit de kassen vallen, respectievelijk 2 miljoen 929.000, 2 miljoen 108.000, 629.000 en 2 miljoen 531.000 (cijfers eind 2013). Monti is niet bepaald een Berlusconi, heeft een behoorlijk saai privéleven, wordt niets voor niets ‘de professor’ genoemd, maakt geen vreemde escapades, is keurig getrouwd. Over de man valt dus eigenlijk niets te vertellen. Maar de bladen deden dat wel, voortdurend zelfs. Tussen november 2011 en juni 2012, tijdens Monti’s ambtsperiode dus, publiceerden zij maar liefst 70 artikelen over de man, meer dan over Berlusconi of andere Italiaanse politici of aan de politiek verwante figuren. Ook over Monti’s vrouw verscheen een flink aantal (25) artikelen in de Italiaanse roddelpers. Ook daarin stond niets bijzonders – iets over het huis, de eerste ontmoetingen tussen de twee, de kinderen – maar toch: wie hoog in de politiek zit, staat hoog op het journalistieke verlanglijstje. Politici, aldus de twee onderzoekers, spelen het spelletje maar wat graag mee: ‘de bladen’ maken van hen gewone mensen en gewone mensen winnen stemmen, zeker als ze net even anders dan gewoon want beroemd zijn. Het is een cirkel waaruit ontsnappen onmogelijk lijkt. De vraag die vervolgens meteen opkomst is: hoe zit dat in Nederland? In hoeverre zijn Samson, Rutte, Wilders en andere Nederlandse politici in de glossy’s doorgedrongen? En wat betekent dat? Het zou de moeite waard zijn dat eens uit te zoeken

Auteurs