Nieuw onderzoek: het ontwikkelen van een journalistieke beroepshouding in tijden van technologische disruptie 

brainstorm ai-generated

Wat zijn ontwerpprincipes en didactiek voor het ontwikkelen van een journalistieke beroepshouding die aansluit bij een snel veranderend technologiegedreven werkveld? Dat is het vraagstuk van het promotieonderzoek van Maaike Severijnen dat in juni 2024 start.  

Opleiders in de journalistiek staan voor een zeer lastige taak. De afgelopen decennia kreeg het werkveld te maken met allerlei maatschappelijke, economische, maar vooral ook technologische ontwikkelingen. De manier van informatie verzamelen veranderde, de beschikbaarheid van grote hoeveelheden data zorgde voor nieuwe onderzoeksmogelijkheden (Sengul-Jones, 2021), er ontstonden nieuwe multimediale en immersieve vertelvormen (Goutier et al., 2021) en een grote hoeveelheid nieuwe platforms en daarmee publicatiemogelijkheden (Van Dijck et al., 2018). Om nog maar niet te spreken over de grote disruptieve factor van dit moment: artificial intelligence. 

Al deze ontwikkelingen maken dat de werkzaamheden en daarmee de beroepscompetenties van een journalist steeds verder uitdijen (SvdJ, 2021; Severijnen et al., 2022). Om zo goed mogelijk op deze veranderingen in te spelen en aan te sluiten bij het sterk veranderende werkveld, zijn journalistiekopleidingen (zowel hbo, wo als post-initieel) afgelopen jaren steeds praktijkgerichter geworden: aankomend journalisten werken vaker in een ‘redactiesetting’ aan reële beroepstaken voor opdrachtgevers uit de praktijk. Of zelfs helemaal in de praktijk, in een van de vele interne mediaopleidingen die inmiddels bestaan, zoals de BNNVARA Academy, NOS Academie, Campus DPG Media, TV Academy en KRO-NCRV Radioschool.

 

Impliciet

Opvallend is echter dat de focus in de curricula vaak ligt op nieuwe kennis en vaardigheden, terwijl houding als derde deel van een competentie veel minder expliciete aandacht krijgt. Terwijl juist die houding is wat de journalistiek als beroepsgroep onderscheidt van andere beroepen in media en communicatie. De journalistiek heeft – ondanks dat het een open beroep is – sterke eigen normen en waarden, die ook vastgelegd zijn in de Leidraad voor de journalistiek en journalistieke codes zoals van de publieke omroepen.

Lange tijd werd er ook vanuit gegaan dat je deze beroepshouding vooral ook ontwikkelt in de praktijk tijdens bijvoorbeeld een stage. Het werd met andere woorden ook gezien als onderdeel van een socialisatieproces (Gravengaard & Rimestad, 2020). Daar doet zich echter een probleem voor, want hierbij wordt uitgegaan van socialiseren in de huidige situatie, niet op een voorbereiding voor een toekomstig werkveld. De journalistieke praktijk heeft behoefte aan toekomstbestendige journalisten en is tegelijkertijd zelf zoekend naar de rol van technologie en wat dat betekent voor de beroepshouding (Beckett & Yaseen, 2023)

De vraag is dus: hoe kan journalistiekonderwijs ontworpen worden waarin aankomend journalisten een adaptieve beroepshouding ontwikkelen die aansluit bij een snel veranderende technologiegedreven werkomgeving? Dat zal het onderwerp zijn van het ontwerpgerichte wetenschappelijke onderzoek dat komende vier jaar uitgevoerd gaat worden.

 

Theorieverkenning

Het traject zal bestaan uit vier deelstudies. De eerste deelstudie bestaat uit een interdisciplinaire literatuuranalyse om te achterhalen waaruit een beroepshouding bestaat en hoe deze ontwikkeld kan worden. Daarna volgt een Delphi-studie om met verschillende experts ((hoofd)redacteuren, onderzoekers, docenten van journalistiekopleidingen en aanverwante technologiegedreven leeromgevingen) tot consensus te komen wat een adaptieve journalistieke beroepshouding inhoudt. Het literatuuronderzoek en de Delphi-methode samen leiden tot criteria en handreikingen hoe een beroepshouding wordt ontwikkeld en wat een journalistieke houding voor een technologiegedreven werkomgeving kenmerkt.

 

Praktijkverkenning

De tweede deelstudie is een praktijkverkenning in drie verschillende onderwijsleeromgevingen (casussen): HBO, post-initieel onderwijs en een media-interne opleiding, om recht te doen aan het huidige opleiden in de journalistiek en de diversiteit van aankomend journalisten. Deze start met een documentanalyse om het onderwijskundig en didactisch repertoire in kaart te brengen, waarna er eerst observaties in diverse lessituaties volgen en daarna interviews. Het resultaat van deze studie is een overzicht van bestaande didactische werkvormen voor het ontwikkelen van een journalistieke beroepshouding in de drie casussen.

Figuur 1 Opzet van de vier deelstudies.

Integratief ontwerp en veldtest

De derde studie heeft als doel om tot een integratief ontwerp te komen. In een gezamenlijke cocreatiesessie met docenten, lerenden en een onderwijsexpert zullen we met de inzichten uit studie 1 en 2 tot eerste ontwerpprincipes en mogelijke didactische werkvormen komen per casus. Deze zullen in studie 4 getest en geëvalueerd worden. Dit proces herhaalt zich om tot verbeterde ontwerpprincipes en werkvormen te komen, die weer aangescherpt worden per leeromgeving en vervolgens uitgevoerd en geëvalueerd. 

De resultaten van dit onderzoek zullen per deelstudie inzichtelijk gemaakt worden. Het resultaat van het gehele traject is een omschrijving van wat een journalistieke beroepshouding kenmerkt en daarnaast iteratief verbeterde en geteste ontwerpprincipes en didactische werkvormen voor verschillende leeromgevingen om een adaptieve journalistieke beroepshouding te ontwikkelen die aansluit bij een technologiegedreven werkomgeving. 

Dit promotietraject wordt begeleid door professor dr. Cok Bakker, hoogleraar didactiek van de levensbeschouwelijke vorming aan de Universiteit Utrecht en lector Normatieve professionalisering aan de Hogeschool Utrecht (promotor), professor dr. Yael de Haan, bijzonder hoogleraar Lokale Publieke Omroep aan de Rijksuniversiteit Groningen en lector Kwaliteitsjournalistiek in Digitale Transitie aan de Hogeschool Utrecht (promotor) en dr. Koen van Turnhout, lector Human Experience & Media Design aan de Hogeschool Utrecht (copromotor).  

Referenties

Beckett, C., & Yaseen, M. (2023). Generating Change. A global survey of what news organisations are doing with AI. The London School of Economics and Political Science: https://static1. squarespace. com/static/64d60527c01ae7106f2646e9, 656.

Goutier, N., de Haan, Y., de Bruin, K., Kruikemeier, S., Lecheler, S. (2021). From cool observer to emotional participant: the practice of immersive journalism. Journalism Studies. https://doi.org/10.1080/1461670X.2021.1956364

Gravengaard, G. & Rimestad, L.(2014). Socializing Journalist Trainees in the Newsroom: On How to Capture the Intangible Parts of the Process1Nordicom Review, 35(s1) 81-96. https://doi.org/10.2478/nor-2014-0105

Sengul-Jones, M. (2021). Bring in the machines: AI-powered investigative journalism. How machine learning can analyse massive datasets to unearth untold. Geraadpleegd van: https://datajournalism.com/read/longreads/machine-learning-investigative-journalism

Severijnen, M., Van der Heijden, C. & De Haan, Y., (2022). Toekomstscenario’s voor journalistiekonderwijs. https://journalistiekonderwijs.nl.

Stimuleringsfonds voor de Journalistiek (2021) Scenario studie journalistiek 2035. https://journalistiek2035.nl/ 

Van Dijck, J., Poell, T., & De Waal, M. (2018). The platform society: Public values in a connective world. Oxford university press.

MEER OVER

Over Journalismlab

Onderzoek in de context van de digitale wereld

Het lectoraat Kwaliteitsjournalistiek in Digitale Transitie (JournalismLab) doet aan de hand van diverse thema’s praktijkgericht onderzoek. Hierbij kijken we naar de wederkerigheid tussen drie journalistieke processen: productie, inhoud en effect.

Deel dit artikel:

Lees meer

Thema's

Meld je aan voor onze nieuwsbrief

Wil je op de hoogte blijven van Journalismlab en alle ontwikkelingen schrijf je dan in voor onze nieuwsbrief.