De Correspondent wil ministeries laten lekken

“Maak een boekje ‘Hoe lek ik?’ en verspreid dat bij alle ministeries in Nederland,” suggereerde hacker Rop Gongrijp in een gesprek met initiatiefnemer en hoofdredacteur van De Correspondent Rob Wijnberg. Wijnberg vindt dat een goed idee, zei hij maandag 10 juni op de bijeenkomst ‘De correspondent en de denker’ in de Rode Hoed. “Het is een goede manier om woordvoerders te omzeilen,” zegt Wijnberg. “Regel wel een paar advocaten,” suggereerde Gongrijp. “Je wilt niet weten wat voor een shit je over je heen krijgt.”

Lekkende ambtenaren zijn niet de enige manier waarop de Correspondent vorm wil geven aan de nieuwe journalistiek. Nieuw is volgens Wijnberg dat de Correspondent geheel online is, niet met advertenties werkt en hun “correspondenten” de vrijheid geeft hun eigen agenda te bepalen.

Verteller

De Correspondent wil niet het nieuws brengen dat iedereen al vertelt, maar hun schrijvende correspondenten verslag laten doen van “hun uitvoerige reis door hun eigen thematiek”. De individuele correspondent agendeert het nieuws vanuit de eigen kijk op de wereld. “In de nieuwe journalistiek is de verteller is net zo belangrijk als het vertelde,” zegt Wijnberg. “De journalist is zelf het medium.”

Kijk op de wereld

Toch is de Correspondent geen opinieplatform, benadrukt Wijnberg. En ook geen Facebook voor journalisten. Het gaat niet om de mening van de correspondent, maar om zijn of haar kijk op de wereld. En die kijk is wat de verschillende medewerkers van de Correspondent verbindt. “Daarin verschillen we van De Nieuwe Pers (DNP), die heeft als geheel geen karakter. Daar kun je je alleen op individuele journalisten abonneren. De Correspondent is meer. Als platform hebben wij een eigen identiteit. Dat blijkt uit dingen wij belangrijk vinden, zoals armoede, energie en privacy.”

D66

“D66 denk je dan,” zegt de filosoof Leon Heuts die samen met de nieuwe denker des vaderlands René Gude en Wijnberg aan een tafel op het podium zit. Voor Heuts hoeft de journalistiek niet zo diepgravend te zijn als de Correspondent dat wil. Journalistiek moet vooral ambachtelijk zijn en zoveel mogelijk verschillende verhalen vertellen. Heuts deelt wel de visie van Wijnberg dat de journalistiek geen kale feiten moet brengen maar vooral betekenis moet geven aan wat er gebeurt.

Online

Ook het online karakter van de krant wil de Correspondent gebruiken voor vernieuwing. Het biedt de mogelijkheid allerlei genres met elkaar te verbinden. Je kunt wetenschap en kunst met journalistiek vervlechten, en reportages samenvoegen in een e-book van 30 pagina’s die je dan weer apart kunt uitgeven.

En al is het vooral de journalist die vanuit zijn of haar kennis de wereld toont, ook de leden – Wijnberg hecht aan die term – krijgen volop kans van zich te laten horen door de mogelijkheid te reageren om gepubliceerde verhalen. Dat moet dan wel onder je eigen naam. Wie reacties schrijft die door anderen worden gewaardeerd kan de rang van ‘expert’ krijgen. Met veel pluspunten kun je het op die manier zelfs tot correspondent van de Coreespondent schoppen.

Onderzoeksjournalistiek

Van onderzoeksjournalistiek moet Wijnberg niet veel hebben. Ten minste niet als het om onthullingen gaat. Diepgravende verhalen, daar gaat het om. Zo ligt er een idee om te onderzoeken wat het voor een omgeving doet als daar een Ikea-vestiging komt.  Lange lijnen, context en analyse – dat zijn de richtlijnen voor de Correspondent. En als het om controle van de macht gaat, wil dat lekken misschien wel helpen.

Auteurs