Data en visualisaties = journalistiek

Journalisten zijn van oudsher meer alfamensen. Ze hebben dikwijls een opleiding sociologie, geschiedenis of politicologie gevolgd. Journalisten die een opleiding journalistiek hebben afgerond, hebben doorgaans geen les gehad in het analyseren en verwerken van cijfermateriaal, laat staan het werken in grote databestanden.

Dat laatste is nu niet meer weg te denken uit de journalistiek. Cijfers en statistieken zijn onderdeel van de dagelijkse routine op redacties: de lijsten met ‘meest gelezen artikelen’, de mooie infografieken, de web metrics, de click- en kijkcijfers waar redactievergaderingen mee beginnen. We zien ook nieuwe posten verschijnen op redacties, zoals banen voor statistici, datawetenschappers, programmeurs en app-developers.

Hyper-numeric world

Aandacht voor statistiek is niet nieuw, maar de huidige maatschappij lijkt wel geobsedeerd met cijfers: de uitslagen van de gemeenteraadsverkiezingen, de discussie rondom luchtvervuiling en hoe dat te meten, hoeveel kinderen er over een paar jaar geen leerkracht meer voor de klas hebben. Andreas en Greenhill spreken zelfs van een ‘hyper-numeric world’. “If something is not measured, it does not exist and will not be recognized, defined, prioritized, put on the agenda and debated”. (Andreas & Greenhill, 2010). In hun boek ‘Seks, drugs and Body Counts’ stellen ze dat in het politieke debat en mediaverslaggeving cijfers veelvuldig worden gebruikt (of misbruikt), maar dat daarmee ook verkeerde of een andere werkelijkheid kan worden weergegeven.

Zeker in tijden van Fake News of post-truth is het van belang dat journalisten goede cijfermatige analyses kunnen maken en dit op een aantrekkelijke en duidelijk manier kunnen presenteren. Maar wat vragen we van journalisten? Moeten ze allemaal number-crunchers worden en schitterende infographics kunnen maken?

Journalisten dienen meer kennis en vaardigheden van andere vakgebieden te hebben zonder dat ze overal expert in worden.Het boek News, Number, and Public Opinion in a data-driven World is een bundeling van verschillende onderzoeken rondom de rol van de journalistiek in een data-driven world. Onderzoekers van het lectoraat hebben hierin een hoofdstuk geschreven over hun onderzoek naar de waardering van visualisaties in het nieuws. Het blijkt dat visualisaties die goed gewaardeerd en begrepen worden door het publiek, tot stand komen in goede samenwerking tussen journalist, data(journalist) en visualisatiemaker. Het doel van het verhaal moet duidelijk zijn en daarbij dient de journalist met de verschillende disciplines af te stemmen. Dat vraagt wel van de journalist inzicht te hebben in de andere disciplines, elkaars taal te spreken en goed samen te werken. De zogenaamde T-shaped professional die een eigen specialisatie beheerst (de verticale poot van de letter T), maar die ook over de grenzen van zijn vakgebied heen kan kijken en verbindingen kan leggen (de horizontale poot van de T).

Datajournalistiek en visualisaties in het onderwijs

Op de school voor journalistiek in Utrecht maken we verbindingen met diverse vakgebieden en leiden we studenten op tot T-shaped professional. Ze leren uiteraard de kernwaarden en vaardigheden van de journalistiek en leren daarbij ook andere vaardigheden, zoals het leren analyseren van grote databestanden en het correct visualiseren van je data.

Studenten kunnen sinds een aantal jaar de succesvolle minor van mijn collega Daniela van Geenen volgen, waarin ze leren data te verwerken en visualisaties te maken voor diverse opdrachtgevers. Ze werken in een interdisciplinaire team aan grotere projecten en leren zo de vaardigheden technieken

Toch zijn we van mening dat het leren omgaan met data en het maken van visualisaties niet iets is voor een specifiek aantal studenten die daar interesse in heeft. In het nieuwe curriculum krijgen alle studenten in het tweede jaar een cursus datavisualisatie. Het is geen cursus statistiek of Excel en ook geen cursus vormgeving of grafiekjes maken. Na een introductie over het nut en de noodzaak van data in de journalistiek, gaan ze meteen aan de slag met tutorials, waarin ze data leren analyseren om vervolgens eigen data te selecteren en analyseren voor hun eigen verhaal. Tot slot, visualiseren ze de gevonden gegevens. Op deze manier leren ze de vaardigheden toe te passen en te gebruiken voor hun eigen verhaal. Data analyseren en visualiseren staat in dienst van het verhaal dat ze maken.

J-lab heeft samen met datajournalist Winny de Jong Datajournalism.tools ontwikkeld, een database om snel en efficiënt tools te vinden om data te analyseren en te visualiseren.