Collectie interactieve journalistieke verhalen naar Beeld & Geluid

Het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid neemt mijn verzameling interactieve journalistieke verhalen op in hun eigen collectie. Dit is de eerste publieke collectie interactieve journalistieke verhalen, en de eerste keer dat Beeld & Geluid samen met een onderzoeker een collectie aanlegt. Vorig week kwam dit nieuws naar buiten op de website van het Stimuleringsfonds voor de Journalistiek.

Nachtmerriescenario

Wanneer je begint aan een promotieonderzoek sta je in eerste instantie niet zo stil bij de vraag of je onderzoeksdata vier jaar later nog wel bestaat. Je kiest immers een belangrijk onderwerp, en verwacht dat de rest van de wereld er ook zo over denkt. Niets bleek minder waar.

Mijn onderzoek naar interactieve journalistieke verhalen begon met het aanleggen van een corpus. Ik verzamelde 110 interactieve multimediale verhalen die in 2014, 2015 en 2016 gemaakt zijn door Nederlandse journalistieke media. Tijdens de analyse van die collectie, een aantal maanden later, was ruim 20% van deze verhalen geheel of gedeeltelijk verdwenen. Wat als ik aan het eind van mijn promotie helemaal geen corpus over had?

Tijd voor actie, dus. Meldpunt Prullenbak werd in het leven geroepen om een beter beeld te krijgen van de grootte van het probleem, en ik organiseerde bij Beeld & Geluid een bijeenkomst over web-archivering voor journalisten. In de journalistiek is web-archivering zeker groot probleem. Nieuwsmedia archiveren meestal wel papier of televisie-uitzendingen, maar websites worden vaak vergeten. Het zou toch raar zijn als we over 100 jaar alleen aan de hand van papieren kranten en opgeslagen video’s kunnen bepalen hoe onze journalistiek eruitzag?

Achter gesloten deuren

Universiteiten en hogescholen bieden hiervoor natuurlijk wel een oplossing. Je kan als onderzoeker zelf je data verzamelen en opslaan. In het geval van interactieve multimediale verhalen betekent dat zelf archief-files maken met Web-recorder, of video’s door middel van screen-capture. Mocht het werk dan verdwijnen van het internet, dan heb je altijd nog archief-files of opnamen. Niet perfect, maar wel voldoende. Onderzoekers kunnen dit materiaal dan opslaan achter de gesloten deuren van de universiteit.

Toegankelijk

Deze onderzoeksdata en artikelen zijn vaak niet publiekelijk toegankelijk, maar onder wetenschappers zien we nu een tegenbeweging. Steeds vaker gaan stemmen op om al het wetenschappelijk onderzoek en bijbehorende data openbaar te maken. Het onderzoek is immers vaak ook gefinancierd met publiek geld – dan behoort het resultaat ook toe aan de samenleving. Onderzoekers kunnen bijvoorbeeld via OpenAccess.nl openbaar publiceren. Ook zijn op academische sociale media zoals ResearchGate en Academia.edu artikelen makkelijk te krijgen: onderzoekers kunnen papers uploaden, of op aanvraag artikelen en data met elkaar delen.

Het archief

Naast de universiteiten, zijn er ook tal van archieven waar je met je onderzoeksdata terecht kan. Hierdoor wordt je materiaal direct onderdeel van een publieke plek. Ik koos voor Beeld & Geluid omdat zij verantwoordelijk zijn voor de archivering van alle uitzendingen van de NPO, en de collectie van het Persmuseum beheren. Daar past een collectie interactieve journalistieke verhalen goed bij.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *