Avondje datajournalistiek: ‘Cijfers zeggen niets’

“Cijfers zeggen op zichzelf niets,” zegt Farida Vis. Ze is een big shot op het gebied van datajournalistiek,  en ze is op kosten van het Stimuleringsfonds voor de Pers uit Engeland overgevlogen om  te vertellen over onderzoek naar social media. Ze doet dat op de tweede bijeenkomst van Big, Open & Beautiful in Pakhuis de Zwijger die de serie  bijeenkomsten over data en visualisatie organiseert samen met Waag Society.

Vis is onderzoekster aan de universiteit van Sheffield en werkt als datajournalist onder andere voor de Guardian. Ze won de Data Journalism Awards 2012 voor haar onderzoek naar de verspreiding van de Londense rellen in 2011 via Twitter.

Haar boodschap is simpel. Om te begrijpen wat data betekenen, moet je altijd naar de context kijken. Je kunt cijfers over Twitter en Facebook niet begrijpen als je niet met de mensen spreekt waar het over gaat. Het is  sexy om te zeggen dat je 10.000 tweets hebt onderzocht. Maar aan 500 heb je meer. Als je ze maar goed codeert en spreekt met de mensen die er achter zitten. Dat levert betrouwbaarder informatie op.

Project X

Thomas Boeschoten, een andere spreker op deze bijeenkomst, past de ‘methode Vis’ ook toe. Boeschoten (25) is student Nieuwe media en digitale cultuur aan de Universiteit Utrecht. Hij heeft  furore gemaakt als Twitter onderzoeker en is toegevoegd aan de commissie-Cohen die moest achterhalen hoe de rellen in Haren zijn ontstaan. Ook hij sprak met de Facebookers over de werkelijkheid achter hun berichtjes. Een klik op ‘ik kom’ is zo gedaan. Maar welke wereld zit daar achter? 80% van de relschoppers had vooraf met anderen over hun gang naar Haren gesproken. De meesten kwamen uit de buurt, of waren op een of andere manier al met Haren bezig.

Boeschoten reageert ook op de kritiek van Peter Vasterman in NRC Handelsblad op het rapport van de commissie Cohen. Volgens Vasterman beweert de commissie ten onrechte dat kranten en tv geen invloed hadden op de massale komst naar Haren. De cijfers laten toch anders zien, vindt Vasterman. Het aantal Facebookberichten vertienvoudigde nadat de massamedia er aandacht aan besteedden. Hoe kun je dan beweren dat ze geen invloed hadden op de rellen? Boeschoten noemt Vasterman ‘een massa media determinist’,  iemand die gelooft in de directe invloed van massamedia op het gedrag van mensen. Zo simpel ligt het niet volgens Boeschoten. Je kunt niet dat soort eenvoudige conclusies uit cijfers trekken. Je moet  kijken naar wat er werkelijk is gebeurd. Dan blijkt de oorzaak van de rellen complexer te zijn. Een dag later verwijt professor Jan van Dijk – ook lid van de commissie-Cohen – Vasterman ook nog eens “primitief oorzaak-gevolg denken.”

Data martelen

Ook zelfbenoemd datamartelaar Stephan Okhuijsen maakt op deze avond duidelijk dat cijfers op zichzelf niets zeggen. Okhuijsen is in het dagelijks leven manager van grote IT-projecten. In zijn vrije tijd gaat hij grote datasets te lijf. Op zoek naar journalistieke verhalen. Hij publiceert die op Sargasso.nl. Okhuijsen zegt dat hij soms flink manipuleert. Dat begint al bij de keuze van data, maar ook de manier van vergelijken en presenteren van data biedt veel kansen tot manipulatie. Dat ik dat doe is niet erg, zegt Okhuijsen. Ik ben geen journalist. Ik wil mensen confronteren met bepaalde ontwikkelingen. Zo liet hij zien dat Kamerleden in 99,998% van de gevallen stemmen volgens de partijlijn. Waarom zouden we dan nog op individuele mensen stemmen, vraagt Okhuijsen zich af, en niet alleen op partijen?

Nupubliek

En dan Wouter Bax, hoofdredacteur van Nu.nl, zegt hij nog iets over de relatieve waarde van cijfers? Ja, maar wel anders. Datajournalistiek is de belangrijkste vernieuwing in de journalistiek, volgens Bax. Het zorgt voor eigen nieuws en mooie plaatjes. Maar het kost wel tijd en geld om het allemaal goed te organiseren. Waar haal je dat vandaan? Bax prijst zich gelukkig met Nu.nls alleskunnende datajournalist Jerry Vermanen die ook in zijn vrije tijd nog doorgaat met mooie plaatjes maken van data. Maar hoe je datajournalistiek een stevige basis geeft binnen de redactie heeft Bax nog niet uitgevonden. Mensen van buiten aantrekken en datajournalistieke projecten opzetten, zijn voorlopig de beste opties volgens hem. Nupubliek is daar een voorbeeld van. Dat is een database met gegevens over het politiek gedrag van Kamerleden. Kun je mooi zien of wat ze vandaag zeggen overeenstemt wat ze gister deden. Zo helpen data met de controle van de macht. Dat zegt wel wat.

Auteurs

Een reactie

  • Ha Gerard,
    Dank voor je verslag. Even voor de goede orde: die 80% is het percentage van de Noord-Nederlandse jongeren die we onze survey voorlegden. 80% van de Noord-Nederlandse jongeren gaven aan dat ze face to face communiceerden over Project X. Dat zijn dus niet zozeer over relschoppers 😉 en: van die respondenten is het overgrote deel niet naar Haren gegaan.