Verantwoording afleggen: hoe doe je dat?

Het was een uitgelezen moment om het te hebben over de Britse commissie-Leveson tijdens de conferentie over media-ethiek van de Reuters Institute for the Study of Journalism in Oxford.  Deze commissie onderzoekt onder andere het Britse afluisterschandaal van de krant News of the World. Volgende maand komt de Commissie Leveson met het advies over het huidige reguleringssysteem van de pers in Engeland. In augustus werden veel kranten echter al gewaarschuwd dat Leveson van mening is dat “self-regulation has failed” en dat veel nieuwe en strikte regels daarom noodzakelijk zullen zijn.

Toch zijn veel Britse mediawetenschappers niet zo bang voor deze strengere regelgeving, want op de vraag wat de Leveson Inquiry nu gaat opleveren, was het antwoord: niks. Een wetenschapper van Goldsmith University zei: “als ze met strengere regulerende maatregelen komen, zal het waarschijnlijk niet overgenomen worden. Als de voorstellen niet streng zijn, dan zal het geen effect hebben”

Ook in Nederland duikt iedere keer weer de vraag op of de media het hebben gedaan en hoe de media verantwoording zouden moeten afleggen. Zoals recentelijk met Project X in Haren en eveneens rondom de berichtgeving over Friso in het NRC. Niet zozeer de institutionele verantwoordingsinstrumenten, zoals de ombudsman of de Raad voor de Journalistiek spelen in deze discussie een grote rol, maar vooral nieuwe technologieën zijn van groot belang. Deze technieken hebben het mogelijk gemaakt om sneller en makkelijker met het publiek te communiceren. Zo liet de NOS-hoofdredacteur Marcel Gelauff weten op zijn blog waarom het  Journaal bepaalde keuzes heeft gemaakt rondom Project X in Haren.

Defensieve houding

Een grootschalig onderzoek onder journalisten van 14 Europese en Arabische landen toont ook aan dat Twitter en Facebook steeds meer worden ingezet om verantwoording af te leggen. Toch beschouwen de meeste journalisten dit niet als een vervanging voor de meer traditionele verantwoordingsinstrumenten, zoals de Raad voor de Journalistiek. Vreemd genoeg gelooft een meerderheid ook niet dat instrumenten, zoals zo’n Raad, van invloed kunnen zijn op journalistieke verantwoordelijkheid. Kortom, zoals Susanne Fengler verwoordt, “There seems to lack a culture of criticism”. Ook in journalistiek Nederland heerst er een defensieve houding tegenover veel institutionele vormen van verantwoording. En hoewel nieuwe technieken steeds meer worden ingezet om uitleg te geven, als het bij een defensieve reactie blijft, is het de vraag of je kunt spreken van bereidheid om fouten te erkennen.

Interne verantwoordingstructuur

Dvorkin en Birk, van de University of Toronto Scarborough, komen daarom met het voorstel dat mediaorganisaties zich meer moeten richten op een interne verantwoordingsstructuur. Volgens ‘the Theory of Constraints’ vormen zich in veel grote organisaties blokkades, doordat mensen van verschillende afdelingen en niveaus niet goed op de hoogte zijn van elkaar. Door meer interne verantwoordingstructuren in te bouwen en de ombudsman als ‘a trusted advisor’ aan te stellen zullen mediaorganisaties zich meer bewust worden van media-ethiek. Het lijkt mij een goede manier om die defensieve cultuur langzaam vaarwel te zeggen.

Het sluit aan bij mijn proefschrift over mediaverantwoording in Nederland, waarin ik vaststel dat mediaorganisaties zich meer moeten richten op interne verantwoordingsstructuren. Er zijn zeker ontwikkelingen gaande. Zo organiseert NOS Nieuws veel evaluatiemomenten en komen eindredacteuren regelmatig bij elkaar om uitzendingen te evalueren. Maar helaas zijn deze structuren vaak niet onderdeel van de organisatiecultuur.

Wat wil het publiek

Een instrument van verantwoording in Nederland is de Raad voor de Journalistiek, maar deze ligt de afgelopen jaar ook weer veelvuldig onder vuur (overigens niet iets nieuws, de Raad krijgt met grote regelmaat kritiek te verduren). In 2007 stelde toenmalig Minister Plasterk voor om een media-ombudsman in te stellen, die wel sancties kan opleggen, in tegenstelling tot de Raad. Volgens recent onderzoek blijkt ook dat de Nederlandse burger een voorstander is van het opleggen van sancties voor de media. Maar tegelijkertijd willen ze geen inmenging van de politiek. Gaan de media dan elkaar sancties opleggen? Lijkt mij bijna onhaalbaar. Laten we het in Nederland houden bij zelfregulering, zonder inmenging van de politiek. En meer een inhoudelijk debat aangaan in plaats van elkaar sancties opleggen. Op dit moment is er een vernieuwingscommissie bezig om te onderzoeken hoe de Raad meer draagvlak kan creëren onder journalistiek Nederland en beter haar taak kan uitvoeren om een gezond verantwoordingsinstrument neer te zetten, zowel voor het publiek als de journalistiek.

En uiteindelijk ben ik ervan overtuigd dat het publiek weinig interesse heeft in de discussie over verantwoording van de media. Het publiek wil waarheidsgetrouwe en kwalitatief hoogstaande berichtgeving: niets meer en niets minder. Laat de journalistiek daar aan gaan werken door meer intern naar haar fouten te kijken en deze op te lossen in plaats van continue het publiek op de hoogte te brengen van de beslissingen die ze maken.

Auteurs