mediumspecificiteit, journalism tools, hogeschool utrecht, school voor journalistiek

Tools, storytelling en mediumspecificiteit

Eerste even een open deur intrappen: tools en technologische vaardigheden worden steeds belangrijker voor journalisten. Dit gaat zover dat je soms het idee krijgt dat het werken vanuit de technologie belangrijker is dan het verhaal dat je te vertellen hebt. Eigenlijk moet elke journalist zichzelf de volgende vraag stellen: Staat de vorm die ik heb gekozen in dienst van mijn verhaal?

In deze blog wil ik aan de hand van het begrip mediumspecificiteit een manier van denken uiteenzetten die het gebruik van storytelling tools interessanter maakt voor nieuwsmedia.

Allereerst de tools, dit zijn vaak gratis te gebruiken online toepassingen waarmee je bijvoorbeeld een tijdslijn, kaart of fotoslider kunt maken. Programeerkennis is voor het gebruik van deze tools meestal niet nodig, en tenzij je grafieken wilt gebruiken in je verhaal, heb je ook geen kennis nodig van data-analyse. Wat je wel kunt met deze tools is op een vrij gemakkelijke manier een crossmediale productie maken waarin de verschillende media jouw verhaal versterken. Onderaan deze blog voeg ik een lijstje websites toe waar je tools kunt vinden.

Het belangrijkste dat kunt doen als je met tools aan de slag gaat, is om er mee te gaan spelen. Probeer dingen uit, leer wat de mogelijkheden en beperkingen zijn en bekijk producties van andere media die de tool eerder hebben gebruikt. Voor mij is een van de meeste inspirerende voorbeelden nog steeds de serie fotosliders die de New York Times heeft gemaakt na de tsunami in Japan in 2011. Aan de hand satellietfoto’s van voor en na de ramp kan de kijker zelf de verwoesting zien. Destijds was de slider speciaal voor het artikel geprogrammeerd, maar nu kun je met Juxtapose gemakkelijk een slider maken en embedden op je eigen website.

Wanneer je een verhaal gaat opzetten is het belangrijk om na te denken over mediumspecificiteit in relatie tot de verschillende onderdelen van je verhaal. Mediumspecificiteit is het idee dat elke medium zijn eigen unieke eigenschappen heeft die het verhaal dat met dat medium kan worden verteld, beïnvloeden. “The medium is the message,” zoals McLuhan’s gevleugelde woorden luiden. Beschouw ter illustratie het ontstaan van het oprolbare nieuwsbericht in de krant in de negentiende eeuw. Doordat de drukpers rigide zetwerk vereiste waarin het niet mogelijk was artikelen op het laatste moment te herschrijven, was het noodzakelijk een oplossing te vinden voor artikelen die niet helemaal in de krant pasten. Hierdoor ontstond een vorm waarin elke alinea van onderaf weggelaten kon worden, zonder dat het artikel ineens niet meer compleet was. Voor de eindredacteur was het op die manier makkelijker om berichten in te korten, zonder de integriteit van het artikel aan te tasten. Nieuwsberichten, ook online, hebben vaak nog steeds deze vorm, ook al is er geen spraken meer van technologische noodzaak.

Natuurlijk gaat mediumspecificiteit niet alleen over de beperkingen van een medium, maar ook over de mogelijkheden. Laten we voor het gemak zeggen dat je werkt aan een grote productie over de verstedelijking van Nederland. Een van de punten die je wilt maken is dat de Randstad enorm is gegroeid de afgelopen eeuw. Je hebt oude en recente luchtfoto’s, die ongeveer vanuit dezelfde camerahoek zijn gemaakt. Je hebt nu twee opties; je kunt de foto’s naast of onder elkaar in de lopende tekst plaatsen. Hierdoor kunnen lezen de foto’s vergelijken en zelf de verandering zien. Dat is al een erg sterke manier om dit onderdeel van je verhaal te vertellen. De tweede optie is om de foto’s in een slider te zetten. De slider toont in de standaardsetting de tegenovergestelde helften van elk paar foto’s en de lezer kan door met de slider te schuiven de rest van de foto’s zien en vergelijken. De belangrijkste toevoeging van een fotoslider is interactiviteit en doordat de foto’s in eerste instantie niet helemaal te zien zijn, wekt dit nieuwsgierigheid op. In tegenstelling tot optie één kan je lezer met een fotoslider elke detail van de foto’s naast elkaar zien. De kans is dus groot dat je lezer langer naar de fotoslider kijkt, dan naar twee naast elkaar geplaatste foto’s.

De vraag in nu natuurlijk, op grond waarvan kies je voor welke optie? In dit geval is het belangrijkste verschil interactiviteit, waardoor geïnteresseerde lezers langer met de visualisatie bezig zal zijn. In alle waarschijnlijkheid blijft de boodschap beter hangen. Ik zou kiezen voor de fotoslider wanneer de verandering en de vergelijking tussen toen en nu, één van de belangrijkste onderdelen van mijn verhaal is, bijvoorbeeld ter versterking van een portret van iemand die al die veranderingen heeft meegemaakt. Is dit echter een zijspoor in mijn verhaal, kies ik voor de makkelijke oplossing en plaats twee foto’s naast of onder elkaar.

Tot slot wil ik nog iets zeggen over het belang van je publiek. Vaak wordt het denken over mediumspecificiteit beperkt tot de inherente eigenschappen van het medium in relatie tot het verhaal. Toch moet je voor je publiek soms concessies doen op wat volgens jou de sterkste manier is om je verhaal te vertellen. Immers, als de vertelvorm niet wordt gewaardeerd door je publiek, gaat het verhaal aan ze voorbij. Je gaat van je verhaal geen game maken voor een publiek dat nooit gamet. Binnenkort zal ik op deze blog een artikel plaatsen dat hier dieper op ingaat.

Waar vind je tools?

Knight Lab Projects
JournalismTools
Google News Lab
The Experts – a journalism tools special

Bronnen

Marshal McLuhan Understanding Media. The Extentions of Men. 1964

George Brock Out of Print. Newspapers, Journalism and the Business of News in the Digital Age. 2013

Auteurs