‘The voice of friends ànd opponnents’, richtlijnen over ‘hoor en wederhoor’ in vijf Europese landen

Onderstaande blog is geschreven door oud kenniskringlid Els Diekerhof (@diekerhof)

De kwaliteit van journalistieke verhalen staat of valt met de selectie van de bronnen, met de kwaliteit van de journalistieke informatieverzameling. Leidt de ‘need for speed’ van dit digitale tijdperk tot erosie van de traditionele kwaliteitscriteria voor journalistieke research: dubbel checken en ‘hoor en wederhoor’?

In een pilotstudy onderzochten we hoe het staat met kwaliteitskenmerk ‘hoor en wederhoor’. (Eerder deden we onderzoek naar checken). De veronderstelling was, dat het steeds vaker volstaat om maar één bron te gebruiken en dat niet altijd beide kanten van een verhaal in gelijke mate aan bod komen. De indruk was ook, dat (online) journalisten eerst (snel) een eenzijdig verhaal maken, en later een degelijk verhaal met meerder bronnen?

Een eerste, internationale, verkenning laat echter (nog?) weinig veranderingen zien. Naast een uitgebreid literatuur onderzoek naar principes, praktijken en theorieën over het gebruik van hoor en wederhoor (‘balance’) in de journalistiek, vergeleken we  instructies en richtlijnen in twaalf  redactionele stijlboeken en zeven handboeken  journalistiek in vijf Europese landen. In deze pilotstudy droegen ook Finse, Duitse, Nederlandse, Engelse en Spaanse studenten van het European Culture and European Journalism programma van de Utrechtse School voor Journalistiek materiaal aan. Geïnventariseerd werd welke instructies er gegeven werden wat betreft de toepassing van ‘hoor en wederhoor’ en wat betreft evenwichtig gebruik van bronnen.

Hoewel we verwachtten enige significante nationale verschillen te vinden, blijkt dat zowel de boeken die op de opleidingen voor journalistiek gebruikt worden, als ook de editorial guidelines niet echt veel van elkaar verschillen. Overal wordt geïnstrueerd om altijd alle kanten van een kwestie te belichten, en twee of meer bronnen gebruiken.
De context van die instructies in de handboeken is wel verschillend. Soms ligt de nadruk op ethiek, wordt uitvoerig uitgelegd waarom hoor en wederhoor belangrijk is, dat het waarheidsvinding, objectiviteit en neutraliteit dient. Vaker is de context praktisch, en wordt precies uitgelegd wanneer en hoe je op zoek gaat naar de bron die de andere kant van de zaak belicht. Het Spaanse handboek El estilo del periodista – al in zestiende druk- legt studenten bijvoorbeeld heel precies uit, dat ze nooit mogen opschrijven dat een bron niet bereikbaar was voor commentaar, als het hen niet lukte om die bron te vinden.

De stijlgidsen van 13 mediaorganisaties in vijf onderzochte landen laten ook een grote variëteit zien. The Guardian citeert C.P. Scott en is het kortst qua instructie: “The voice of opponents no less than of friends has a right to be heard”. Het Duitse Mainz Post beveelt haar journalisten expliciet aan om niet alleen alle partijen aan het woord te laten, maar ook “Sie werden mit ihren besten Argumenten zitiert”.
De pilotstudy laat zien dat evenwichtig brongebruik en ‘hoor en wederhoor’ voorlopig nog belangrijke principes van professionele journalistieke informatieverzameling zijn. Verder onderzoek op redacties, met name in de online journalistiek, moet duidelijk maken of bij de werkwijze bij de selectie van bronnen, ‘hoor en wederhoor’ een minder prominent is.

Het onderzoek van Els Diekerhof werd donderdag 12 september 2013 gepresenteerd op de op The Future of Journalism Conference aan de Cardiff University in Wales.

Auteurs