nrc.next is vanaf 8 oktober de ochtendeditie van NRC Handelsblad. De krant die perfect in mijn ochtendritueel paste gaat (weer) veranderen. Meer nieuws, meer een gewone krant. Eigenlijk vond ik nrc.next sinds het vertrek van Rob Wijnberg niet meer tegendraads, en twijfel al een tijdje of ik over zal stappen naar De Volkskrant. Maar ik ben een nextlezer, geen NRC- of Volkskrantlezer. Ik ben lezer van een krant die sinds 2012 niet meer bestaat.
Op pagina 3 van de krant van afgelopen maandag deelde Vandermeersch mij mee dat lezers van nrc.next meer nieuws willen. Mij is overigens niets gevraagd, en ik wil eigenlijk ook niet meer nieuws in mijn krant. Gedrukt nieuws is altijd achterhaald, ik haal mijn nieuws wel van Twitter en Facebook. Maar dat terzijde.
Vanaf 8 oktober valt ie op de mat. In twee katernen (ook zo’n ouderwets woord: katern; vond het juist zo fijn dat mijn krant uit één deel bestond):
Sinds het vertrek van Wijnberg bestaat nrc.next eigenlijk niet meer. Inhoudelijk is de krant van 2012 tot oktober 2015 beknopt aftreksel van NRC Handelsblad, vanaf nu is het de ochtendeditie die een volwaardig alternatief voor De Volkskrant moet bieden. Tenminste, dat vermoed ik. Uit de acties van Vandermeersch wordt duidelijk dat De Volkskrant de grote concurrent is: de verhuizing naar Amsterdam, de wens een ochtendblad te worden, en natuurlijk de veranderingen bij nrc.next. nrc.next wordt uiteindelijk het NRC Handelsblad, denk ik.
Voor 2012 was nrc.next een wonder in krantenland. Vanaf de lancering in 2006 stijgt het aantal abonnees bijna elk kwartaal, schrijft Piet Bakker op de Nieuwe Reporter. Jongeren blijken wel voor nieuws te willen betalen. Als we de abonnementen-pagina op NRC.nl moeten geloven krijgt nrc.next elke maand 1.180 lezers erbij. (UPDATE) Toch daalt de oplage van de jongste krant van Nederland al sinds het tweede kwartaal van 2012. Later dat jaar vertrekt Wijnberg, en gooit nrc.next inhoudelijk het roer om.
De vernieuwing van nrc.next hoort bij een bredere vernieuwing bij NRC. Lees hier de analyse van mijn collega Klaske Tameling.






