Heddy Honigmann: ik verzin mijn personages

Ze wordt de levende legende van het IDFA genoemd. Grand dame van de Nederlandse documentaire. Heddy Honigmann. Ondersteund door filmcriticus Hans Beerekamp, beklimt ze het podium van Tuschinski en gaat zitten in een Art Deco stoel. Ze lijkt erin te verdwijnen, maar als ze eenmaal over haar werk praat, lijkt ze er ook weer uit op te stijgen.

Waarom heeft ze alleen mannen van het Concertgebouworkest geportretteerd, wil iemand weten. Het gaat over Around the World in 50 concerts. Openingsfilm van het IDFA en nu voor de tweede keer vertoond voor een uitverkochte zaal.

“Ah, een vraag over seksisme”, reageert Hans Beerekamp.

De documentaire opent met een scene waarin slagwerker Herman Rieken vertelt dat hij in de ruim een uur durende Zevende Symfonie van Bruckner eenmaal met de bekkens slaat. Dat is wachten, wegdromen, opschrikken (ik zal toch niet … ), uiteindelijk gaan staan, de ogen van voltallig publiek op zich gericht, en dan: Benggg!

Later in de documentaire vertelt fluitist Kersten McCall over zijn voorliefde voor volksmuziek en speelt Dominic Seldis een basloopje uit de Tiende Symfonie van Sjostakovitsj dat hem op zijn veertiende verslingerd deed raken aan de contrabas.

De verhalen van deze mannen van het Concertgebouworkest vormen de opmaat voor de verhalen van drie andere mannen. Een taxichauffeur uit Buenos Aires, die altijd klassieke muziek heeft opstaan in zijn auto, een zwarte man uit Zuid-Afrika die dankzij een joodse leraar viool leert spelen, en een Mahlerfan uit Moskou die met muziek zijn herinneringen aan concentratiekampen te lijf gaat.

Storytelling

“Documentaires maken is een kwestie van storytelling”, zo begint Honigmann haar antwoord op de vraag naar de uitsluitend mannelijke vertellers in haar documentaire.

Ze wist al snel dat de documentaire moest beginnen met het verhaal van slagwerker Rieken.

“Dat zet de toon. De andere vertellers moeten daarbij aansluiten.”

De wereld is groot, legt Honigmann uit. Om daarover te vertellen heb je iets nog groters nodig. Dat is je verbeelding.

“Ik verzin vaak vertellers.”

“Verzinnen?” interrumpeert Beerekamp.

“Ja. Toen het orkest naar Brazilië ging, bedacht ik dat in die enorme stad Buenos Aires, met al die taxi’s, er een taxichauffeur moest zijn die van klassieke muziek houdt. Mijn researchers zijn toen aan de slag gegaan en hebben zo’n taxichauffeur gevonden. Dan ga ik met zo iemand praten.”