Journalisten, ga (meer) buiten spelen!

Media Future Outdoor Week: creëer je eigen ecosysteem!

Open the doors. Let the light stream in. Get out of the building. Interact. Met deze aanmoedigingen eindigt John Geraci zijn artikel ‘What I learned from Trying to Innovate at the New York Times’. Geraci was tussen 2013-2015 ‘Director of new Digital Products’ bij de NYT. Zijn woorden hadden eveneens van toepassing kunnen zijn op de Media Future Week die plaatsvond van 18-21 april jl. in Hilversum. Dit vierdaags evenement voor studenten van mediaopleidingen in Nederland en België speelde zich dan wel af op het Mediapark zelf, de deuren werden desondanks wagenwijd open gezet voor interactie en nieuwe inzichten van buitenaf.

Functioneer als een ecosysteem
Eerst naar het verhaal van Geraci en de New York Times. Deze innovatiestrateeg raakt met zijn verhaal aan de kern – en daarmee in mijn ogen aan het probleem – van de journalistieke cultuur. Namelijk dat deze te veel in zichzelf gekeerd is en vast blijft zitten in de voor journalisten bekende denkpatronen en werkroutines. In zijn periode bij de NYT – waarbij Geraci de opdracht kreeg om innovatieve producten te creëren en lanceren in een traditionele organisatie – ondernam hij twee belangrijke stappen. In de eerste plaats nam hij nieuwe mensen aan met een ondernemende mindset (het start-up type met een onuitputtelijk optimisme). In de tweede plaats stelde hij een speciale ‘executive-board’ in waarvan de leden meer moest gaan denken en handelen als durfkapitalisten: om targets te halen werd er voortaan gesproken in termen van groeikansen en risicoanalyses.

Het belangrijkste inzicht dat Geraci uiteindelijk kreeg bij zijn tijd bij de Amerikaanse krant was dat grote organisaties – zoals de NYT – niet het vermogen hebben om te functioneren als een ecosysteem:

‘Ecosystems, by contrast, are boundless, constantly able to grow, absorb new entities, adapt, react, and transform. They don’t acquire new elements by ingesting them, but by absorbing new components at the edges of the network. And when they do that, they create new value for the whole ecosystem.’

Wat mist in organisaties zoals de New York Times, is het vermogen om continu te (blijven) zien welke bredere culturele en maatschappelijke veranderingen er gaande zijn (tussen makers en gebruikers, tussen burgers en politici), om deze inzichten vervolgens te vertalen naar nieuwe waarden en toepassingen passend binnen je eigen organisatie en op je eigen producten. Niet door het simpelweg ‘innemen’ ofwel overnemen van nieuwe elementen (zoals het één-op-één kopiëren van nieuwe vertelvormen zoals Snowfall of het implementeren van metered-paywalls), maar door zelf waarde toe te voegen middels het combineren van eigen, bestaande producten, kennis en vaardigheden en nieuwe culturele, economische en technologische inzichten en toepassingen die zich aandienen.

Verlaat het (journalistieke) pand
Bij de NYT en bij meer traditionele bedrijven, zo stelt Geraci, vindt praktisch alle (inter)actie plaats in het gebouw zelf. Hierdoor blijven de vastgestelde problemen en de oplossingen die daarvoor worden aangedragen altijd het resultaat van ideeën die voortkomen uit de – in dit geval – bestaande journalistieke cultuur:

‘Employees at the Times rarely go offsite for lunch or meetings. When you work there, your network is inside the building. That’s where all of the action is, where the valuable information is traded, where the battles are fought, and where the victories are won.’

In Nederland (en in Europa) is dat niet anders. Op basis van mijn eigen promotieonderzoek naar crossmediale nieuwsorganisaties onderschrijf ik de observatie van Geraci dat redacties teveel blijven hangen in hun eigen denk- en werkroutines, dat daadwerkelijke verandering moeizaam van de grond komt en dat een innovatieve cultuur ontbreekt. De crisis wordt door (hoofd)redacties veelal toegeschreven aan technische en economische veranderingen, maar de eigen journalistieke werkwijze – veel zenden, weinig interactie, vaste formats – wordt nauwelijks echt kritisch tegen het licht gehouden. Zo begon het uitgelekte innovatierapport van diezelfde New York Times uit 2014 met de veelzeggende opmerking dat het slecht ging met de krant, maar dat dit in ieder geval niet kon liggen aan de journalistieke producties zelf (waarmee namelijk nog altijd prijzen in de wacht werd gesleept, weliswaar uitgereikt door diezelfde traditionele beroepsgroep).Media Future Week

Media Future Week
Een groot verschil met de sfeer en opzet van de Media Future Week waar ontmoetingen met vreemden en het ter discussie stellen van je product én je eigen ideeën voortdurend centraal staan. In vier dagen tijd gaan studenten van verschillende mediaopleidingen in interdisciplinaire teams werken aan vraagstukken van echte opdrachtgevers (dit jaar o.a. BNNVARA, het museum van Beeld & Geluid, Mediawijzer.net). Vier dagen van 09.00 uur ’s ochtends tot 21.00 uur ’s avonds met inspirerende keynotes, workshops als Prototyping, Business Model Canvas en Storytelling en dat alles onder toeziend oog van een kritische jury (Dragon’s Den) waardoor de studenten worden uitgedaagd om continu out of the box én out of the building te durven denken.

Lucas de Man en zijn Nieuwe Helden
Met de opening keynote van Lucas de Man op maandag werd de toon gezet. De projecten die De Man bedenkt en uitvoert met zijn Stichting De Nieuwe Helden zijn interdisciplinair, internationaal en in dialoog met een publiek. Lucas de Man Lucas de Mannoemt zichzelf en de mensen met wie hij werkt ‘creators’ (creatieve professionals) die in eerste instantie geen antwoorden hebben, maar vooral veel vragen. Zo ging hij voor het project ‘De Man door Europa’ met een clubje makers op zoek naar een jonge generatie Europeanen met de vraag hoe zij aankijken tegen de politieke, maatschappelijk en culturele veranderingen waar we momenteel mee te maken hebben. In 30 dagen bezochten ze 17 steden in 8 landen en interviewde ze meer dan 20 creators die proberen de maatschappij waarin ze leven vorm te geven. Naar aanleiding van deze reis werd er een voorstelling gemaakt, maar er verscheen ook een documentaire, een bijdrage in Tegenlicht, een kunstwerk en er verschenen een aantal artikelen op de site van De Correspondent. Lucas de Man stuurde de studenten de Media Future Week in met de boodschap: ‘ik weet niet, dus ik ben’. Iets niet weten is niet erg, het biedt vooral veel mogelijkheden. Luister naar wat je zelf wilt maken en doen. Ga daarnaar op zoek, ga naar buiten, praat met mensen en ontdek waar je waarde toe kan voegen. Met verhalen, met voorstellingen, met media.

Creators: de nieuwe journalisten
Dit soort creators zoals Lucas de Man zijn in mijn ogen dé journalisten van straks. Of beter gezegd: van vandaag. Want ze zijn er al, maar we noemen ze alleen (nog) geen journalisten. Ze maken verhalen, samen met een publiek, en ze vertellen deze via de kanalen en in vormen die daar het beste bij passen. Vanuit een intrinsieke motivatie en nieuwsgierigheid, niet omdat er een pagina gevuld moet worden of omdat een draaiboek vraagt om nog 3 minuten beeld. Omdat het waardevolle verhalen zijn, verhalen die uniek zijn, die je nergens anders vindt. Lees in dat kader ook dit verhaal van Joshua Topolsky (Co-founder of The Verge / Vox Media), die eveneens een pleidooi houdt voor minder journalistieke ‘shit’ (slechte oppervlakkige verhalen waar we vooral een zo groot mogelijk aantal lezers, ofwel clicks, mee proberen te bereiken). Topolsky pleit daarentegen voor meer goede, onderhoudende verhalen die misschien minder lezers trekken maar wel meer betekenis hebben. In de woorden van Topolsky:

‘Thinking of your audience as finite and building a sustainable business model around that audience — that’s going to matter’. 

Misfit-economy als inspiratiebron
De keynote van antropologe Alexa Clay die innovatieve en creatieve lessen trekt uit mensen die opereren in de ‘misfit-economy’ (illegale praktijken van gangsters, piraten, hackers en andere informele ondernemers) was eveneens een motivator voor het openen van onbekende deuren, van het ontmoeten van nieuwe mensen en leren van (sub)culturen waar we uiteraard kritisch naar moeten kijken, maar waar we tegelijkertijd ook veel van kunnen leren. Zo kwam zij er bijvoorbeeld achter dat de storyteling methode van Nigeriaanse spammails ook breder ingezet kan worden als Guerillamarketing-techniek. Clay paste het succesvol toe op de verkoop van haar eigen boek. De Amerikaanse antropologe hield hiermee een pleidooi om mainstream organisaties en instituten te laten innoveren door meer in contact te komen met mensen die anders zijn dan jij of de organisatie waar je voor werkt.Alexa Clay - Misfits

En zo kwam er vier dagen lang een bijzonder ecosysteem tot stand op het Mediapark waarbij de kennis, vaardigheden en bovenal creativiteit van studenten werd aangevuld met inzichten van inspirerende sprekers die (ook) opereren buiten het medialandschap waardoor nieuwe ideeën, projecten en samenwerkingen tot stand kwamen. Er was zeker ook aandacht voor thema’s als Virtual Reality en Artificial Intelligence, maar als er deze week weer één ding duidelijk werd, is het wel dat innovatie om zoveel meer gaat dan over nieuwe technieken. Innovatie begint bij nieuwsgierigheid, vragen stellen, het voortdurend reflecteren op je eigen werkwijze, kennis en kunde. Door nieuwe inzichten, culturen, mensen en ontmoetingen waar je op voort kan borduren en door het in twijfel durven trekken van je eigen ideeën en opvattingen.

Idea loading - MFW

 

 

Jaarlijkse Media Outdoor Week?
Mijn eigen ecosysteem draaide tijdens deze week in ieder geval op volle toeren en bracht mij op het idee van een jaarlijkse Media Future Week, of beter gezegd Media Outdoor Week voor ‘volwassenen’. Voor de journalisten, vormgevers, developers, beleidsmakers en hoofdredacteuren die al jarenlang dag in, dag uit in datzelfde gebouw zitten, die op de congressen die ze bezoeken nog steeds dezelfde soort mensen ontmoeten waar ze dagelijks mee werken. Mediamakers die er goed aan zouden doen om meer buiten te gaan spelen. Zodat ze zich even niet druk hoeven te maken over de krant van morgen of over de uitzending van straks. Even niet samenwerken met je vertrouwde collega’s, maar met andere creators, mensen die weer goed zijn in hele andere dingen dan jij. Om de woorden van Geraci nog maar eens te herhalen:

The new value is not inside, it’s out there, at the edges of the network. Embrace that, and grow.’

De foto’s zijn afkomstig van de site van Media Future Week.

Een reactie