Studenten op de School voor Journalistiek in Utrecht

Waarom wij als J.Lab onderzoek doen naar (journalistiek) onderwijs

Het is geregeld onderwerp van discussie op vergaderingen en themasessies van ons lectoraat. Het onderzoek dat wij doen naar journalistiek onderwijs, hoort dat eigenlijk wel thuis bij ons lectoraat? Een lectoraat dat opereert onder de vlag van het ‘Lectoraat Crossmediale Kwaliteitsjournalistiek”? Zitten wij niet het werk te doen van onze collega’s van het Lectoraat Beroepsonderwijs?

Kwaliteitsmakers

Een vraag die te rechtvaardigen is, want wat heeft het onderwijs te maken met Crossmediale Kwaliteitsjournalistiek? Vooropgesteld: kwaliteitsjournalistiek ontstaat niet vanzelf. Naast een noodzaak tot bekostiging, een voedingsbodem binnen journalistieke organisaties, hoofdredacteuren met lef en visie, toegang tot betrouwbare bronnen en data en vertrouwen en medewerking van het publiek, vraagt de totstandkoming van kwaliteitsjournalistiekvooral ook om kwaliteitsmakers. Een groot deel van die toekomstige kwaliteitsmakers loopt rond op de Journalistieke Bachelor- en Masteropleidingen.

Maar hoe zorgen die opleidingen er dan voor dat ze daadwerkelijk toekomstbestendige kwaliteitsmakers afleveren? Die vraag is ingewikkeld. Lange tijd was wat er in de journalistieke arbeidsmarkt gebeurde, min of meer leidend in het vormgeven van curricula van journalistiekopleidingen. En die arbeidsmarkt, die veranderde niet zo snel. Duidelijk was voor welke media studenten werden opgeleid, welke genres ze moesten kunnen bedienen en welke basiskennis en -vaardigheden daarvoor nodig waren. Ook de setting waarin studenten na hun afstuderen terecht kwamen was lange tijd stabiel: je werkte op een redactie en bediende daar een afgekaderd medium: krant, tijdschrift, radio of tv.

 

Troebele journalistieke arbeidsmarkt
Maar zo helder als het ooit was, zo troebel is de journalistieke arbeidsmarkt nu. En het lijkt er niet op dat er ooit nog helderheid komt in een tijd waarin ‘constante verandering het nieuwe normaal is’ om Eric Newton van de Knight Foundation te citeren. (Lees ook vooral zijn digitale boek searchlights and sunglasses eens als je dat nog niet hebt gedaan.)

Het was dan ook treffend dat RTV Utrecht-directeur Paul van der Lugt, tijdens de uitreiking van de SvJ-prijs juist een beroep deed op het innovatieve vermogen van de opleidingen. Wij kijken naar wat jullie doen en wat jullie studenten maken, dus neem daarin het voortouw, was de boodschap die hij had. Van der Lugt noemde het dan ook positief dat hij, bij het beoordelen van de ingezonden studentenproducties, geconfronteerd werd met voor hem nieuwe vormen, zoals de audioslideshow waar een eerstejaars een prijs mee won.

Veranderde mediawereld

Het beroepenveld kijkt dus naar de opleidingen. Maar nu de mediawereld in rap tempo verandert en blíjft veranderen, voor welke media leiden de opleidingen de studenten op? Welke vertelvormen moeten onze studenten kunnen bedienen om ook over vier jaar interessant te zijn voor journalistieke opdrachtgevers?

Welke vaardigheden hebben studenten nodig om te overleven in een constant veranderend journalistiek veld? Hoe leren we ze om adaptief te zijn? Moeten studenten zich eigenlijk beperken tot alleen journalistieke opdrachtgevers, of moeten we ze voorbereiden op een toekomst als (deels) commerciële maker? Wat zijn dan eigenlijk de grenzen van journalistiek en wat definiëren we nu, maar ook in de toekomst als journalistiek? En bovenal… wat zijn de consequenties van die vragen op hetgeen we studenten leren?

Het zijn veel vragen. En het zijn vragen waar journalistiekopleidingen van over de hele wereld mee worstelen en waarop verschillende antwoorden worden gegeven. Zo stelt de eerdergenoemde Newton het journalistieke Teaching Hospital voor. In zo’n teaching hospital werken studenten idealiter naast professionals en doen ze journalistiek werk voor een gemeenschap. Een model dat vergelijkbaar is met de wijze waarop artsen in opleiding worden opgeleid in ziekenhuizen.

Andere opleidingen maken andere keuzes: zo heeft Zwolle constructieve journalistiek tot speerpunt gemaakt en richt The City University of New York zich op entrepreneurial Journalism om toekomstbestendig te zijn. Op de School voor Journalistiek in Utrecht kiezen we voor een didactisch model, waarin kennis en vaardigheden geïntegreerd worden aangeboden en waarin studenten vanaf dag een van de opleiding in de praktijk werken.

Didactiek en pedagogiek

Maar met elk antwoord worden ook nieuwe vragen gecreëerd. Hoe geef je als docent vorm aan zo’n totaal nieuwe werkwijze? Hoe ervaren studenten hun rol in deze nieuwe vormen van onderwijs? Hoe leer je studenten die “alles” moeten kunnen en kennen en voor veel verschillende media moeten werken toch op een overzichtelijke wijze deeltaken aan? En bovenal, zorgen al die nieuwe werkwijzen inderdaad tot meer leerresultaat bij de student en dus uiteindelijk tot betere journalistiek? Vragen die hopelijk beantwoord kunnen worden door in ons onderzoek juist te kijken naar journalistiek onderwijs. Daarin ontkomen we er niet aan soms ook te raken aan kennis en onderzoeksmethoden uit de didactiek, pedagogiek of de onderwijskunde maar waarin het onderzoek daarnaar geen doel op zich is, maar een middel.

(Foto: Gert-Jan Peddemors)