Het succes van LINDA.

Wie LINDA leert kennen, leert de huidige samenleving kennen. Zo stelt Chris van der Heijden in zijn boek ‘Spiegelzaal van onze tijd. LINDA. en de Nederlandse samenleving’ waarin hij het succes van het magazine – en tevens de populariteit van zachte journalistiek – verklaart. Indirect maakt Van der Heijden hier het mooiste compliment dat je een mediamerk kan maken: de makers van LINDA begrijpen de Nederlandse vrouw (tussen de 25-50 jaar) en zijn in staat om de huidige tijdsgeest te vangen in haar magazine en op het online platform LINDA.Nieuws.

Wat is er dan zo bijzonder aan LINDA en waarom is het blad zo populair bij zo’n diverse groep vrouwen? Het is de inhoud – of wellicht beter gezegd het gebrek aan inhoud en de dominantie van beeld – waar journalist en historicus Van der Heijden zich in eerste instantie over verbaast. Zelf opgegroeid in een culturele en literaire omgeving met ‘Ons Soort Mensen’, waar de De Groene Amsterdammer werd gelezen en de VPRO de enige juiste omroep was, constateert de auteur dat nota bene gestudeerde vrouwen uit zijn eigen vriendenkring zelfs het blad LINDA lezen. Ook de studenten die hij op de School voor Journalistiek doceert, ambiëren steeds vaker een stage op de redactie van LINDA. Voor Van der Heijden een moment om uit zijn eigen vertrouwde ‘filterbubbel’ te stappen en  honderd LINDA. magazines te kopen op Marktplaats om zich in het blad te gaan verdiepen. Dit doet hij overigens zonder enig dedain. Hij erkent dat de voor hem bekende en vertrouwde tijd – waar geen twijfel was wat op cultureel gebied goed of slecht was, wat kwaliteit had en wat niet – hoogstwaarschijnlijk achter hem ligt. Hij wil LINDA. en haar lezers echt begrijpen.

Inhoud-first
Het klinkt logisch: wat anders dan de inhoud kan het succes van een mediamerk verklaren? Maar in deze verwarrende en disruptieve tijden lijken we succesfactoren vooral te relateren aan niet-redactionele aangelegenheden. Nieuwe technologieën worden breed uitgemeten (chatbots,VR), verdienmodellen tegen het licht gehouden (wel of niet een metered paywall?) en het 360-graden uitgeefmodel is eerder regel dan uitzondering; elk platform telt tenslotte mee in het bereiken van een zo groot mogelijk publiek. Over die thema’s raken we maar niet uitgepraat op de vele seminars, masterclasses en congressen die gaan over de media van vandaag of morgen. Allemaal belangrijke middelen, maar laten we ze vooral niet verwarren met het uiteindelijke doel: ben je in staat om relevante verhalen te brengen waar behoefte aan is bij een publiek? We zien in het crossmediale debat de discussie al verschuiven van digital-first (focus op het redactionele proces: ben je de eerste?) naar story-first (focus op de redactionele inhoud: heb je een goed verhaal?). Dat Van der Heijden zich in zijn zoektocht naar het succes van LINDA focust op de inhoud (en op het publiek) is een ouderwetse verademing en dus tegelijkertijd heel modern.

Gewoon een leuk blad?
Die queeste is echter nog niet zo eenvoudig. De LINDA. lezeressen die Van der Heijden samen met zijn studenten in een enquête ondervraagt, komen zelf niet veel verder dan de constatering dat het ‘gewoon een leuk blad is’. Maar daarmee neemt de historicus en journalist uiteraard geen genoegen. Wanneer hij tijdens een treinreis toevallig tegenover een dame zit die de LINDA leest en ze in gesprek raken over zijn zoektocht, vraagt hij of zij kritisch mee wil lezen met zijn manuscript. Van der Heijden – tenslotte niet de doelgroep van het blad – wil zijn observaties, vragen en verbazingen graag aan haar voorleggen om zo de doelgroep nog beter te kunnen begrijpen. Deze dialogen resulteren in de nodige onderhoudende discussies en bekentenissen van de LINDA-lezer (‘in de verhalen over seks herken ik me wel’ en ‘een fotoshopvrij-logo is voor mij en mijn vriendinnen niet nodig, we zijn niet gek.’) en vormen zo de rode draad door het boek.

Van de publieke naar de persoonlijke zaak
Een boek dat in de vorm van essay-achtige hoofdstukken de belangrijkste pijlers en thema’s van LINDA. bespreekt aan de hand van het heden en verleden. Zoals de verschuiving van de publieke zaak naar alles dat ons persoonlijk raakt, het geschreven woord dat steeds meer concurrentie ondervindt van beeldtaal, de personalisatie in de media en de actieve online LINDA-gemeenschap die lief en leed met elkaar deelt. Van der Heijden geeft daarmee een rake schets van de moderne samenleving: een leven zonder uitgesproken moreel kompas. LINDA biedt – zo concludeert van der Heijden – precies de juiste oriëntatie of houvast door zelf geen normen en waarden uit te dragen, maar door thema’s uitsluitend op te hangen aan personen:

‘LINDA spreekt zelden of nooit als objectieve buitenstaander (…). Iedereen spreekt voor zichzelf. LINDA deelt slechts persoonlijke ervaringen of inzichten en ieder moet voor zich uitmaken wat hij of zij daarmee doet. LINDA brengt een potentiële moraal, meer niet. ’

Uit je filterbubbel en interesse in je publiek
In tegenstelling tot het merk LINDA heeft het boek Chris van Der Heijden niet echt een afgebakende doelgroep: voor zijn studenten journalistiek en voor de journalist zelf zijn de essays wellicht wat te weinig concreet. Toch is het boek een aanrader voor iedereen die relevante verschuivingen – van hard naar zacht nieuws – in het medialandschap beter wil leren begrijpen. Niet in de laatste plaats omdat Van der Heijden in dit boek twee belangrijke dingen doet waar het in de huidige journalistieke cultuur vaak aan ontbreekt. Van der Heijden durft te twijfelen aan zijn eigen referentiekader: hij stapt uit zijn eigen filterbubbel en wil ‘de ander’ leren kennen en begrijpen. Daarnaast toont de auteur oprechte interesse voor het publiek. Wie zijn de LINDA-lezers en welke behoefte hebben zij? Aan zo’n zoektocht zouden meer journalisten een voorbeeld kunnen nemen.

Bewaren

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *